Muzikale
Alkmaarders symfonisch
in de lift
Arcangelo
Corelli: Suite, George Philipp Telemann: Ouverture G-moll,
Domenico Cimarosa:
Concert voor
fluit, hobo en orkest,
Joseph Haydn:
Symfonie no. 104
(London). Door het
Alkmaars Symfonie Orkest
onder leiding van Albert van Eeghen. Solisten: Leonie
Hennekens (fluit) en Marry
Borst (hobo). Gehoord,
zaterdagavond 9 maart in de Vrijheidskerk te ALKMAAR.
Amper een
jaar geleden leek het Alkmaars Symfonie Orkest
met een Haydnsymfonie
nog maar
moeizaam uit de voeten te
kunnen. Doorzetten bleek
echter een succesformule om de gevierde Oostenrijker zaterdagavond opnieuw, en
dit keer geloofwaardig, tot klinken te brengen.
Dirigent
Albert van Eeghen had de
voormalige hobbels tussen strijkers en blazers vakkundig gladgestreken en dat
leidde
tot een spetterende
weergave
van Haydns symfonische
zwanenzang, de London-symfonie. Bovendien
werden enkele lichtvoetige werken van Corelli, Telemann en Cimarosa uitermate
sprankelend ten gehore
gebracht.
Cimarosa,
Corelli en Telemann zijn in de gemiddelde concertzaal een beetje buiten de boot gevallen. Ensembles die niet uitsluitend met symfonische hoogvliegers in zee wensen
te gaan, kunnen daar
juist hun
voordeel mee doen. Als
zodanig
wisten Albert van Eeghen
en zijn
manschappen in de Vrijheidskerk dan ook voortreffelijk een lans te breken voor
de klassieke
charme van Corelli's
Concertsuite en
Telemanns
driedelige Ouverture in
G-moll.
Structureel werden de
werkjes
uiterst transparant
gehouden
en geen enkele muzikale
amateur hoefde daarvoor op het puntje van zijn
stoel te gaan zitten
Een
buitengewone verrassing was de
presentatie van het Concert voor fluit, hobo en orkest
van Domenico Cimarosa.
Voor het
solistische aandeel kon het
Alkmaarse orkest
probleemloos een beroep doen op eigen mankracht.
Fluitiste Leonie Hennekens en
hoboïste Marry Borst wisten
hun geblazen dialogen evenwichtig en vloeiend aan te reiken. Daarbij werden ze door het
orkest pittig maar soms
wel indringend ondersteund. Een eensgezinde en
vooral trefzekere aanpak bleek in het Cimarosa-concert de grootste verdienste te
zijn die de strijkerssectie van het orkest zich het afgelopen jaar heeft verworven.
De
eensgezinde aanpak van alle
orkestsecties leidde er toe dat het klapstuk van de avond, Haydns Londonsymfonie, melodisch en ritmisch voortreffelijk werd
neergezet. De tempi waarin Haydns
'laatstgeborene' tot klinken kwam, waren weliswaar aan de trage kant, maar Van Eeghen wilde kennelijk voorkomen dat '104' door
overenthousiasme op
drift zou
raken. In de finale
werden de
teugels niettemin
enigszins gevierd en dat betekende dat strijkers en blazers elkaar toch nog
enigszins in het
vaarwater konden zitten. Gelukkig kwam de symfonische
geloofwaardigheid van Alkmaar daarmee echter niet in de problemen.
ONNO
HOEDEMAN